mormon.org Wereldwijd

Hallo, ik ben Kaiping.我是凱平.

  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing
  • Mao KaiPing

Over mij

Ik ben vader en echtgenoot. Ik heb een lieve vrouw en twee geweldige kinderen, die allen een sterk getuigenis van onze hemelse Vader en Jezus Christus hebben. Ik heb 28 jaar in een autofabriek gewerkt, maar ben nu gids. Ik leid mensen uit China rond in Taiwan. Als ik het over de vele godsdiensten in Taiwan heb, zijn de mensen meestal niet geïnteresseerd. Daarom ben ik blij dat ik mormoon ben, want ik weet dat het evangelie waardevol en waar is. Ik doe ook vrijwilligerswerk in Taiwan Historica, het Nationaal Historisch Museum van Taiwan. Telkens als ik de mensen over de vierhonderdjarige geschiedenis van Taiwan vertel, groeit mijn liefde voor Taiwan.

Waarom ik mormoon ben

Mijn grootmoeder is in de Ching-dynastie geboren en was een getrouw christen. Ze las dagelijks in de Bijbel en bad dat haar nakomelingen beschermd zouden worden en vrede van God zouden ontvangen. Uiteindelijk verhuisde mijn vader naar Taiwan. Toen ik zeventien was, was ik op een dag in augustus thuis met mijn broertje. Ik keek uit het raam en zag in onze straat twee mormoonse zendelingen van deur tot deur gaan. Ik kreeg plots een warm gevoel in mijn hart. Ik ging meteen met hen praten en twee maanden later liet ik me dopen. Ik weet dat God het gebed van mijn grootmoeder verhoord heeft, want ik heb vrede en vreugde in dit evangelie gevonden.

Hoe ik mijn geloof naleef

Ik geloof dat dienen het belangrijkste onderdeel van mijn geloof is. Ik ben erachter gekomen dat ik door anderen te dienen zelf zegeningen ontvang. Toen ik jong was, organiseerde ik bijvoorbeeld op een keer een activiteit voor alle alleenstaande leden van de kerk in Taiwan. Ik heb mijn vrouw op die activiteit ontmoet. Door die ervaring heb ik geleerd dat anderen dienen de beste manier is om ons geloof na te leven, net zoals er in het Boek van Mormon staat: ‘Wanneer gij in dienst van uw medemensen zijt, [zijt] gij louter in dienst van uw God.’