mormon.org Wereldwijd

Hallo, ik ben Denny

  • Denny Hancock
  • Denny Hancock
  • Denny Hancock
  • Denny Hancock
  • Denny Hancock
  • Denny Hancock
  • Denny Hancock
  • Denny Hancock

Over mij

Mijn vrouw Leslie en ik hebben vijf kinderen, acht kleinkinderen, en er zijn er meer op komst. We zijn graag in het noordwesten, we houden van skiën, waterskiën en varen. We zijn gek op onze kinderen. Ik beheer opvanghuizen voor vrouwen en kinderen en leid een programma waardoor daklozen met hun gezin herenigd kunnen worden. Leslie en ik hebben Mamma’s Hands al meer dan twintig jaar beheerd. We hebben veel wonderen gezien, zowel bij onszelf als bij anderen. Ik hou van muziek en heb nu al zo lang gitaar, piano, trompet en mondharmonica gespeeld dat ik er heel goed in zou moeten zijn, maar dat is nog niet echt zo. Leslie en ik zijn in 1976 getrouwd. We hebben vanaf het begin al financiële problemen gehad. Ik legde tapijt en Leslie bleef thuis bij de kinderen. Na een paar grote tegenslagen zag ik het licht aan het einde van de tunnel niet meer. Maar toen kwam ik twee dakloze mannen tegen die mijn leven veranderden. Toen ik zag hoe moeilijk zij het hadden, waardeerde ik de prachtige gave van het gezin meer waar ik zo rijkelijk mee gezegend was. Vanaf dat moment veranderde ik van loopbaan. Na een paar jaar beheerde ik opvanghuizen en werkte ik op straat. Omdat alle kinderen op school waren, werkte Leslie deeltijds voor een makelaardij. Nu is ze al jarenlang een van de beste in haar vak in Seattle en omgeving, zodat ik kan doen waar ik goed in ben. Ik heb echt een fijn leven. Ik geef ook les aan vijfjarige kinderen in de kerk, de KGW-ers B. Ik vind het heel leuk. En ja, ik ben mormoon.

Waarom ik mormoon ben

Ik ben in een mormoons gezin geboren. Ik groeide op met liefde en gelach om me heen. Ik had zeven broers en zussen, een vader, een moeder en een hond. Het leven als kind was eenvoudig. Ik was mormoon omdat mijn vader en moeder mormoon waren. Ik weet nog dat ik, voordat ik naar de hogeschool ging, alleen in de kerk zat te denken. Ik vroeg me af waarom ik hier eigenlijk was. Op dat moment bad ik voor het eerst. Ik vroeg God met heel mijn hart of wat ik altijd voor vanzelfsprekend had aangenomen, waar was. Na mijn gebed had ik een goed gevoel en wilde ik het thuis misschien alleen nog eens proberen. Toen ik naar de toespraak probeerde te luisteren, voelde mijn lichaam plotseling heel licht; mijn hart was met liefde vervuld, maar ik begreep niet waarom. De tranen rolden over mijn wangen en ik wist dat ik met het begin van mijn eigen getuigenis was gezegend. Ik denk vaak aan die dag terug, en hoewel ik het moeilijk vind om te leven zoals God dat wil, ben ik blij met mijn leven omdat ik weet dat mijn gezin eeuwig is, dat ik werkelijk gelukkig ben en dat God mij liefheeft. Ik bid nog steeds voor mijn eigen getuigenis, dat van mijn dierbaren en van wie naar waarheid zoeken.

Persoonlijke verhalen

Wat is hoop en waar hoopt u op?

Onze hoop drijft de wanhoop uit. Door hoop krijgen we kracht om met rampspoed om te gaan. Hoop is een gave die je met iemand kunt delen die wanhopig is. Hoop kan iemand gelukkig maken die nog lang niet genezen is. Door anderen hoop te geen, krijgen andere mensen, gemeenschappen, steden, landen en de hele wereld kracht. Zelfs een sprankje hoop is sterk en krachtige hoop is niet tegen te houden. En dat sprankje hoop kan vliegensvlug groeien.

Waarom en hoe vertel je je vrienden over het evangelie?

Ik help veel mensen in onze gemeenschap die daar behoefte aan hebben. Ik werk zij aan zij met veel vrienden en buren samen. Ik laat graag zien dat ik het evangelie naleef. Er wordt mij veel over de mormonen gevraagd, ook als ik zelf het onderwerp niet ter sprake breng. Ik deins er niet voor terug om mensen te vertellen dat ik mormoon ben. Ik vind het fijn om vragen over de kerk te beantwoorden. Daarna is het makkelijk om ze naar de zendelingen door te verwijzen.

Hoe ik mijn geloof naleef

Ik werk met mensen die het zó moeilijk hebben dat ze geen onderdak kunnen vinden. Veel vrouwen met wie ik werk, zijn hun kinderen kwijt omdat ze voor de verkeerde man of levenswijze hebben gekozen. Het maakt me echt gelukkig als ik een dakloze man of vrouw kan helpen om naar huis te gaan. Het maakt me ook gelukkig als een moeder voogdij over een kind krijgt en ervoor leert zorgen. Wij zorgen ervoor dat gezinnen herenigd worden en leren hun hoe ze bij elkaar blijven. Ik kan me niet voorstellen dat een dierbare door mijn eigen verwaarlozing van me wordt afgenomen. In de kerk werkte ik jarenlang met kleine kinderen. Ik geef momenteel les aan de KGW-ers B, de vijfjarigen. Samen met een andere broeder onderwijzen we deze kinderen in de basisbeginselen van het evangelie. Eerst dacht ik dat het makkelijk zou zijn, maar ik besefte al snel dat vijfjarigen oud genoeg zijn en dat ik me dus goed moest voorbereiden. Ze hebben een lieve, onschuldige leeftijd, maar geven het tegelijkertijd ook wel aan als ze je niet meer boeiend vinden. Ik hou echter van ze. Ik weet zeker dat ik op die leeftijd ook een interessante leerlinge was.