mormon.org Wereldwijd

Wordt er van alle mormonen verwacht dat ze op zending gaan?

Officieel antwoord

Er is een sterke traditie van zendingswerk in de kerk. De Heiland heeft gezegd: ‘Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen’ (Matteüs 28:19). Leden van de kerk vinden het een voorrecht om blijk te geven van hun liefde voor andere mensen en de Heer door het evangelie te verkondigen.

Zendelingen beginnen meestal met hun zending als ze tussen de 19 en 21 jaar oud zijn. Veel gepensioneerde mannen, vrouwen en echtparen gaan ook op zending. Zendelingen gaan anderhalf tot twee jaar op zending. Op zending gaan gebeurt op vrijwillige basis, zendelingen worden niet voor hun werk betaald. Zendelingen komen uit de hele wereld en ze worden te werk gesteld waar de kerk ze nodig heeft. Tijdens hun zending zijn zendelingen officiële vertegenwoordigers van de kerk.

  • Het eenvoudige antwoord is nee — hoewel jongemannen worden aangemoedigd om op 18- of 19-jarige leeftijd op zending te gaan. Hoewel ik in de kerk ben opgegroeid, ben ik niet op zending geweest. Dat was een keuze gebaseerd op het niveau van geestelijke ontwikkeling in mijn leven op dat moment. En het was een persoonlijke keuze van mij, een keuze waar ik blij mee ben. Ik heb veel goede vrienden en familieleden die op zending zijn geweest, en ik heb functies in de kerk gehad waarin ik waardige, geestelijk voorbereide jongemannen heb gezien die ervoor kozen om op zending te gaan. Die zendelingen hebben geweldige ervaringen gehad en zijn goede zendelingen geweest. Maar de kerk begrijpt dat wij allemaal onze eigen geestelijke ontwikkeling doormaken. En niet alle jongemannen zijn eraan toe om op 18- of 19-jarige leeftijd op zending te gaan. Ik was dat in ieder geval niet. Ik ben dankbaar voor de persoonlijke vrijheid en verantwoordelijkheid die de kerk mij gaf om die beslissing te nemen en toch op mijn eigen geestelijke pad verder te gaan. Ik zou niet de persoon zijn die ik nu ben als ik niet die verantwoordelijkheid op me had genomen. Meer tonen

  • Volgens mij hebben wij van onze hemelse Vader de taak gekregen om onze medemensen te dienen. Hij geeft iedereen echter het recht om zelf te kiezen of ze zijn wil doen. Ik weet dat Hij wil dat ik op zending ga, dus wil ik dat zelf ook. Veel zendelingen hebben verteld hoe geweldig het is om op zending te gaan, dus wil ik dat ook meemaken. Ik dank mijn hemelse Vader dat de zendelingen mij gemoedsrust hebben geschonken. Ik dank Hem voor de kans om te dienen en ik weet dat mijn hemelse Vader een weg voor mij bereidt, zodat ik kan doen wat Hij van me vraagt (zie 1 Nephi 3:7). Meer tonen

Geen resultaten